Voor mij als toerist in eigen stad met een geheime fotografische opdracht is de Martenatuin in Franeker een pareltje op zich. Het Martena Museum, waar ik nog niet ben geweest (schande!), heeft een gratis toegankelijk rustoord voor alle leeftijden. De stinzentuin met stinzenplanten ( winterakoniet, sneeuwklokje, lenteklokje, voorjaarshelmbloem, holwortel, anemoon, breed longkruid, bostulp, knikkende vogelmelk, aronskelk, gewone vogelmelk, daslook, kievitsbloem en boshyacint) is bijzonder.

Niet alleen vanwege de aanwezige planten (rondleiding hier) maar ook vanwege de oorverdovende rust, en dat midden in een kleine stad. Details maken het geheel en geven ook de verschillen aan, om maar eens ietwat filosofisch uit de hoek te komen.

Stichting De Martenatuin beheert deze tuin. Onlangs is de tuin gerenoveerd. Ik probeer mij een voorstelling te maken hoe dat in zijn werk gaat. Zelfs deze link brengt mij niet verder. Er was een tuinarchitect (met de piratennaam Roodbaard) die de strakke-stijl-tuin omtoverde tot een landschappelijke tuin. Hier begint het gedonder al, zijn er oorspronkelijke tekeningen, schilderijen en aantekeningen? Ja, die zijn er. Het padenverloop is echter in de loop der jaren hoekiger geworden. Hoe kan dat nu weer? Is het ontwerp van Roodbaard nu wel of niet gevolgd? En waarom dan wel of niet?

Mijn camera ontdekt twee geheimzinnige gezichten

 

Hoekig of niet, het is een prachtige hangplek voor boeklezers, diepzinnige denkers en kiekjesproducenten, om op een bankje de wereld in alle rust te aanschouwen. Dit zal voor de Franekerianen allemaal wel bekend zijn, maar voor de toerist in eigen stad is dit een mooi begin van de ontdekkingstocht door Franeker, de ster van de elf steden. Qua tuin is dat wel zeker.